vrijdag 12 augustus
Vanmorgen is het stralend weer, net als gister overigens en na het ontbijt verdwijnen Hans en ik naar het postkantoor en de ochtendmarkt. Hier o.a. naar kleren gekeken, maar de kwaliteit valt tegen. Om 9.45 zijn we dan weer terug in het hotel, want we moeten om 10.30 vertrekken.
Danny, onze reisleider, is echter in paniek, want het vliegtuig blijkt een uur eerder te gaan, dus de groep is al onderweg en wij moeten er snel achteraan. Er stond een busje klaar en met een noodgang rijden we naar het vliegveld. Helaas, we konden niet meer mee. Gelukkig konden we overgeboekt worden op een andere vlucht, die een uur later vertrekt.
We vertrekken in een klein vliegtuig om 11.00 uur en drie kwartier later en veel stoom in het vliegtuig van de airco zijn we in Luang Phrabang. Daar worden we opgehaald door de Laotiaanse gids Ping, die ons na de formaliteiten naar het hotel brengt. Je moet hier per regio een bewijs hebben, dat je er bent. Dus je aankomst wordt geregistreerd en als je vertrekt, moet dat ook weer geregistreerd worden. Typisch socialistische bureaucratie.
In het hotel zijn we precies op tijd voor de lunch en sluiten we weer aan bij de groep, die onze wederwaardigheden wil horen.
Om 14.30 uur vertrekken we voor een stadstour door Luang Phabrang, al is stadstour een wat groot woord, want groot is het niet. We bezoeken o.a. de Wat Wisundat, de That Pathum, Wat Aham, Wat Xien Thong, Wat Saen en eindigen op de heuvel Pu Sii. Luang Phrabang is bekend om zijn tempels, vandaar dat er ook zoveel bezocht worden. Ze zijn inderdaad allemaal mooi, maar op één middag een beetje teveel van het goede.
Na het eten vertrek ik alleen de stad in. Bij de Mekong raak ik in gesprek met een jongen die een klein beetje engels spreekt en me uitnodigt om bij hem thuis iets te drinken. Ik krijg een kop thee en iedereen zit me aan te kijken. Gesproken kan er nauwelijks worden, dus lachen is de beste oplossing. Leuk om eens in een Laotiaans huis te kijken, maar ik voel me nogal opgelaten met de situatie.
Vervolgens naar het centrum naar de Ramaclub, een Laotiaanse disco van het inmiddels bekende type. Je kunt er een meisje huren om mee te dansen. Of je ook verder kunt met het meisje is niet duidelijk, maar ik heb toch geen belangstelling. Een jongen zit de hele tijd naar me te kijken. Of hij homo is of dat hij kijkt omdat ik de eerste blanke ben die hij ziet is niet duidelijk. Verder dan oogcontact komen we niet, want ik weet eigenlijk helemaal niet hoe men in Laos met homoseksualiteit omgaat. Maar ik ga er maar vanuit dat dat niet positief zal zijn.
zaterdag 13 augustus
Om 6.30 uur op pad gegaan op zoek naar de ochtendmarkt. Bij het hotel is het al een drukte van belang, want er is een kleine groentemarkt, die ik maar eens overloop. De ochtendmarkt moet echter ergens anders zijn en ik besluit op pad te gaan. Het is echter een heel eind lopen en ik besluit maar terug te gaan, want het is me te ver.
Om 7.30 ontbijt met eieren, ham, worst, toast, fruit, sap en koffie; erg westers dus. We gaan met de bus naar de ochtendmarkt. Deze is inderdaad vrij ver weg en niet echt bijzonder.
Met de boot maken we een tocht over de Mekong. We stoppen in Ban Xan Hai. Dit dorpje wordt authentiek genoemd en volgens de gids komen er nooit toeristen. Het dorp is echter het enige dat in de Travel Survival Kit genoemd wordt waar een stop gemaakt kan worden. Dus zijn we heus niet de eersten en zeker niet de laatsten.
De grotten van Pak Ou – een volgende stop - staan vol met boeddhabeelden. De toegang ernaar toe is wat lastig door de hoge waterstand en na 1 grot houd ik het voor gezien. De rest gaat nog naar een tweede grot, maar is alweer snel terug omdat daar helemaal niets is.
Er wordt geluncht op de bij de grotten horende picknickplaats. Het eten en drinken en het personeel is aangevoerd met een extra boot vanuit ons hotel. We worden dan ook keurig bediend en de maaltijd wordt besloten met koffie. De meisjes pakken alles weer keurig in en ruimen de boel op en gaan dan met de boot terug.
Hierna varen we weer terug over de Mekong en brengen een bezoek aan een pottenbakkersdorp, waar op een zeer arbeidsintensieve manier potten gemaakt en in een ondergrondse oven gebakken worden. Twee mensen maken de pot: de een draait de schijf, de ander vormt. Het bakken gebeurt in een oven die onder de grond is gegraven en waar de potten uit het hele dorp één voor één in geplaatst worden om vervolgens 12 uur te bakken, waarna 2 dagen nodig zijn om de zaak weer af te laten koelen.
’s Avonds gerelaxed in het hotel. Het weer was niet van dien aard om er nog even lekker op uit te gaan.
|