ELINKINE: in de hitte op de Casamance
Donderdag de 18e november verlaten we Kafountine via dezelfde slechte weg als we gekomen zijn. Na Diouloulou komen we op een betere weg naar Bignona en Ziguinchor. Maar wat is beter? Kuilen en weggeslagen stukken zijn ook hier. Echt Afrikaans: geen onderhoud!!
De weg van Ziguinchor via Oussouye naar Elinkine is echter weer een plaatje: pracht aangelegd en weinig verkeer.
Na een mislukte poging om naar Point St. George te rijden blijven we in Elinkine in Campement Voyage Elinkine. Dit is een vervallen complex, dat slechts een paar jaar oud is. De Franse eigenaar heeft zich met de Afrikanen verenigd, door dit hele complex langzaam te
verwaarlozen. Het eten heeft schijnbaar hetzelfde lot ondergaan en is vet en smakeloos. Voorgerecht: omelet met vette gebakken uitjes; hoofdgerecht: rijst met taaie kip en uiensaus; nagerecht: ¼ appel op een bordje. De Franse haute cuisine was ver te zoeken. De appel was het lekkerst.
De nacht is slecht in een vreselijk benauwde kamer zonder verlichting en ventilator. ’s Nachts de deur maar open gezet om nog wat lucht te krijgen, al is dat niet de bedoeling.
’s Morgens is er geen water, maar nadat de waterleiding van het kamp met tape is gerepareerd kan er gebaad worden.
De stank van vis overheerst vanmorgen, want de vismarkt is vlakbij.
Om 9.30 uur gaan we op stap, want vanuit ons kampement kunnen we met de boot de rivier op om lamantijnen te zien. Na zo’n 2,5 uur varen over de Casamance, die hier een paar kilometer breed is, leggen we aan bij een dorpje van garnalenvissers. We lopen er rond, want het hoort blijkbaar bij de excursie. Je zou er overigens geen dag willen wonen.
Daarna varen we een stukje terug naar Point St. George voor de lunch en daar krijgen we te horen, dat we eerst naar de lamantijnen moeten kijken. We lopen naar de uitkijktoren en zien er zowaar drie. Voor de foto zijn ze te snel, al heb ik wel een staart kunnen kieken.
De lamantijnen zijn alleen bij laag water te zien dus de kans om ze werkelijk te zien is zeer klein. Ze grazen op
de bodem en komen af en toe boven water om een luchtje te scheppen.
Het zijn tenslotte zoogdieren.
Op de toren staat overigens wel, dat er zich hier zo’n 15 zouden moeten bevinden. We blijven dus nog even wachten, maar het blijft verder rustig.
Na de lunch met taaie kip en garnalen varen we terug; de zon is dan genadeloos en smeren helpt niet tegen het branden. Ik gebruik o.a. mijn zwemvest om blote delen te beschermen. Om 17 uur zijn we weer terug van een toch wel bijzondere tocht.
CAP SKIRRIN: lekker relaxen aan het strand
Na de boottocht over de Casamance vertrekken we, omdat we in het Campement Voyage Elenkine niet nog een nacht door willen brengen. We rijden naar Cap Skirring, waar volgens de Lonely Planet de mooiste stranden van Afrika zijn.
Na enig zoeken belanden we in het resort Hibiscus en krijgen prachtige kamers met uitzicht op strand en zee. Er is een restaurant, zwembad en een heel mooi strand.
Het diner hebben we bij kaarslicht en uitzicht op zee: een heerlijk voorafje, tong en caramelijs. Heerlijk. We maken kennis met de Belgische eigenaar, die hier zijn pensioenjaren doorbrengt. Hij is 81 en heeft dit resort gekocht om iets om handen te hebben!!
De volgende ochtend ben ik om 7 uural op en geniet lekker op het balkon met uitzicht op zee. Ook hier lopen koeien op het strand.
Na een fantastisch ontbijt is het de hele morgen relaxen op het strand. Lezen, zwemmen, zonnen, wandelen, puzzelen.
's Middags gaan we naar Cap Skirring voor de lunch. Ik wil het stadje ook wel even bekijken, maar dat stelt helemaal niets voor en is net zo armoedig als andere plaatsjes is Afrika. Je zou er meer van verwachten, want het schijnt toch één van de betere badplaatsen in Senegal te zijn.
’s Avonds is er vanaf 20 uur een uitgebreid buffet en uitgebreid is dan ook zeer uitgebreid en van een uitstekende kwaliteit. Ondertussen danst een groep uit Conakry Afrikaanse dansen.
De volgende morgen rijden we weer terug naar Gambia. Ook Senegal heeft veel "veiligheid", want onderweg worden we ook hier aangehouden bij een controlepost. We moeten werkelijk alle tassen open maken voor de agent, die er zichtbaar plezier in heeft om zijn 'macht' uit te oefenen. Niet boos worden!!! In Gambia is het immers nog vervelender!?