(Leestijd: 11 - 22 minuten)

JAPAN van zuid naar noord

Begin in Kagoshima

Kaart van Japan met de reisroute in 2015Van 3 t/m 24 juni 2015 reis ik met Koning Aap van Zuid Japan naar het noorden. Na aankomst op het vliegveld van Fukuoka en het inleveren van alle ingevulde formulieren maak ik kennis met Marcel Mioch, onze reisbegeleider voor de komende weken. Met de Highway-bus gaan we naar Kagoshima.Na het inchecken in hotel Taisei Annex en een douche krijgen we een briefing voor de komende tijd.Met Marcel en Irene uit Texel en Nicolaj uit Utrecht drink ik eerst even wat om daarna te gaan eten aan de overkant van het hotel. Daar zijn allemaal kleine leuke eettentjes. Ieder eettentje heeft zijn eigen specialiteit en het is er druk, gezellig en lekker.

Beeldengroep in KagoshimaDe volgende dag maken we met de hele groep een wandeling door de stad. De regen valt met bakken uit de hemel, maar we laten ons niet kisten en met poncho's en paraplu's gaan we op pad. Via een overdekt winkelcentrum komen we bij de Higaju-tempel. Dit mooie complex doet denken aan de beide tempels, die ik vorig jaar in Kyoto van deze sekte heb gezien. Via het standbeeld van Saigo Takamori, een Japanse samoerai en dichter, komen we bij de Terukuni Shrine, een belangrijke plaats voor shintoïsten. Hier vindt toevallig een ceremonie plaats voor een baby, zodat we ook nog iets van deze traditie kunnen zien. Dan naar de begraafplaats in het Nashuo Park. Hier liggen de 'helden' van 1877, een lokale oorlog. De begraafplaats is op hiërarchie ingedeeld. De leider in het midden en hoog, zijn assistenten ernaast en de gewone soldaten bij elkaar aan de onderkant. Bij Kagoshima Station pakken we de tram terug naar het hotel. Iedereen is doorweekt, maar ja, op vakantie moet je dit soort dingen gewoon doen!
Even bijkomen op de kamer.

's Middags eet ik met Nicolaj de eerste sushi op deze vakantie. Verder is het relaxen, een borrel en een bezoek aan de onsen/sauna in het hotel. Het is er druk met Japanners en ik neem de gewone route: eerst wassen, dan warm bubbelbad, koud bad, warm bad, sauna (maar die vind ik al snel te heet), koud bad en warm bad. Heerlijk!! Contact maken met de Japanners lukt niet erg, want iedereen is met zichzelf bezig, maar leuk is het wel. 's Avonds eten we weer gezellig in één van de kleine eethuisjes om de dag af te sluiten in de bar “Heathen”.

Van Satsuma naar Aoshima

Zaterdag gaan we op pad naar Satsuma. De eerste stop is bij het “Peace Museum” of Kamikazemuseum, waar het 'heldendom' van de kamikazepiloten uit de Tweede Wereldoorlog wordt belicht. Er staan toestellen die nog zijn overgebleven van dit fenomeen, brieven van piloten, kleding, video's, enz. Hoofdstraat in ChiranVervolgens gaan we naar Chiran waar een aantal samoeraihuizen bij elkaar staan. De huizen zijn niet te bezoeken, maar wel de tuinen, die allemaal eenzelfde principe hebben: stenen en grote bonsai. Soms met een waterpartij. In Hakunam staat een groot en modern congrescentrum volkomen te verpauperen. Het doet futuristisch aan en zal ooit ergens voor gebruikt zijn; nu is het er spookachtig. We ontdekken wel dat er toch verschillende ruimtes in gebruik zijn voor sportactiviteiten. Maar toch is het zonde, dat zo'n enorm complex er verlaten bij staat. Op een uitkijkpunt verderop hebben we zicht op Sakurajima, de vulkaan, die ik vorig jaar heb bezocht. Het zicht is niet al te helder. Wel zien we de `Fuji van het zuiden`, Kaimondake. Aan de overkant van ons punt ligt een eiland waar je bij eb naar toe kunt lopen, zoals op dit moment mogelijk is. Wij hebben daar echter geen tijd voor!!

Dan komen we bij het ´hoogtepunt´ van de dag: het zandbad! Eerst verkleden en dan in mijn yukata naar het strand; ik word daar keurig neergelegd door een meneer, die met nog een jongen mij ingraaft in het hete zand. Het is lachen met elkaar. Na 10 minuten ga ik er uit. Als het goed is ben ik dan 20 jaar jonger! Afkicken onder de douche en in de onsen.

De volgende dag is een reisdag met verschillende stops. Als eerste bezoeken we een eenvoudige shrine midden in een mooi bos. Dan komt er weer een hoogtepunt: het modderbad. Na het hete zand van gister is dat weer een nieuwe ervaring. Met nog vier andere mannen (Nick, Arjan, Marcel en Nico) gaan we in ons blootje de buitenlucht in om ons daar in te smeren met naar zwavel stinkende modder. Goed voor de huid!! En weer een paar jaar jonger! Het is wat lastig weg te krijgen, maar ik heb weer een leuke ervaring erbij. Bij de vrouwen waren er maar twee die het aandurfden. De rest van de groep heeft geduldig moeten wachten, maar is wel nieuwsgierig naar onze ervaring. We rijden door naar een nationaal park waar we een mooie wandeling maken langs verschillende kratermeertjes.
Op weg naar AoshimaDan rijden we door naar Aoshima. Dit is een eilandje, dat met het vaste land verbonden is door een brug. Om het eiland is een heel merkwaardige rotsvorming, alsof de stenen zijn opgestuwd door zware zee. Het dateert al van zo'n 20 miljoen jaar geleden. Op het eiland is een shrine. Ik probeer er o.a. mijn geluk te bepalen door kleischoteltjes te gooien, maar dat valt niet mee. In RouteInn checken we in en eten hier 's avonds zeer uitgebreid met All you can eat voor ¥2200.

Met de veerboot naar Shikoku

De veerboot naar Shikoku

Om 7.15 vertrekken we weer met een ruime bus. Het stroomt van de regen, dus is er weinig te zien. Toch maakt de chauffeur nog een tussenstop bij een uitkijkpunt, maar niemand blijft lang kijken. Om 11.30 zijn we in de haven van Tsukimi en gaan daar aan boord van de boot, die ons naar Yawatahama zal brengen op het volgende eiland. Zo varen we van het zuidelijke grote eiland Kyushu naar Shikoku, het kleinste van de vier grote eilanden. Hier komen we om 15.15 aan in nog steeds grauw weer.
Dan volgt er een lange reis naar ons einddoel: de tempel Kongofukuji in Ishizuri-misaki. De route is mooi, maar door het slechte weer is er niet veel van te genieten. De tempel en ons onderkomen is wat aan de sjofele kant en na een vegetarische maaltijd duik ik de onsen in. Deze is aan de kleine kant, want er kunnen maar drie personen tegelijk in. Daarna maken we een zitje bij de gezamenlijk wasplaats en maken er een gezellige avond van.
De volgende ochtend is er al vroeg een ceremonie in de tempel. Een priester prevelt wat, slaat op van alles en nog wat en na 10 minuten is het voorbij. De man preekt ook nog even in een soort Engels, waarbij je af en toe een woordje kan opvangen. Daarna is het ontbijt en buiten is het inmiddels droog geworden zodat we de rest van het tempelcomplex kunnen bekijken. Dat blijk heel groot te zijn en mooi. We ontdekken zelfs later, dat er bussen met pelgrims stoppen om het tempelcomplex te bezoeken, want de tempel is onderdeel van de pelgrimsroute op Shikoku. We maken nog een korte wandeling in de omgeving om iets van de kaap hier te zien en daarna gaan we verder.

surfers op Ohki BeachWe maken een tussenstop voor een strandwandeling bij Ohki Beach. Hoewel het weer niet denderend is loop ik een stuk over het strand en ontdek daar o.a. een nest van een zeeschildpad. Het spoor naar het water is ook duidelijk te zien. Surfers zijn druk in de weer op niet al te hoge golven, dus ze moeten vaak lang wachten. Maar Japanners schijnen geduld te hebben.
Dan rijden we door naar Kochi en lunch ik met Nicolaj op een soort foodmarket. Het kasteel, dat hierna op het programma staat is goed geconserveerd. Boven heb je een mooi uitzicht op de stad. Vervolgens gaan we naar Takamatsu. We drinken een drankje, eten een hapje en bespreken de dagindeling voor de komende dagen.

Kunst op Naoshima van o.a. Tado Andao

De volgende ochtend maak ik al vroeg een wandeling door de rustige stad. En later gaan we met z'n vieren met de veerboot naar Naoshima, het “kunsteiland”. Daar zijn we om 11 uur en we huren fietsen om ons over het eiland te begeven. Het is vandaag zonnig en warm. Allereerst stopen we voor het ChiChu Art Museum. Kunst in het Tado Andao Museum op NaoshimaHier zijn vier kunstenaars vertegenwoordigd: Claude Monet met 6 schilderijen van waterlelies, Walter de Maria met Time/Timeless/No Time, een grote ruimte met bal en gouden objecten; James Turrell met lichtpresentaties en natuurlijk Tado Andao, die het museum heeft ontworpen. Het is een heel bijzondere ervaring. Niet alleen vanwege de kunst en het gebouw dat daar omheen is ontworpen, maar ook de manier hoe hier gewerkt wordt: slofjes aan bij Monet, schoenen uit bij Turrell en geen foto's(!!) en vooral niet te hard praten. Kunst is hier een gewijd iets! Vervolgens gaan we naar het Benesse House, dat ook door Andao is ontworpen. Hierin bevindt zich ook veel moderne kunst. Maar ook het gebouw zelf is kunst. We fietsen door naar een beeldengroep die buiten staat, waaronder een Karel Appel, die hier ooit het eerste kunstwerk op het eiland heeft geplaatst. Erg toegankelijk, kleurrijk en leuk. Kunsthuis in Honmura op NaoshimaIn het dorp Honmura staan 7 huizen als kunstobject. We fietsen er langs een paar en bezoeken tussendoor ook het Andao Museum, dat vrij klein is. Hier krijg je een mooie indruk hoe de gebouwen destijds zijn gemaakt in overleg met de kunstenaars. Aan het eind van de middag varen we weer terug naar Takamatsu.

De volgende dag begint met regen. Maar gevieren gaan we naar de Ritsoerin Koen, één van de drie mooiste tuinen in Japan. We bekijken deze uitgebreid en na de lunch gaan we allemaal ons eigen gang. Ik wil naar het kunstmuseum, maar dat staat in de steigers en is gesloten. Dan maar een beetje door de stad lopen, want Takamatsu heeft verder niet zoveel te bieden. 's Avonds is het weer dineren met z'n vieren. Dit keer in een Japanse Italiaan.

We vertrekken de 13e uit Takamatsu. De zon begint gelukkig weer door te komen en het moet dan ook een mooie dag worden. Dat komt uiteindelijk ook uit: 28 graden! Het wisselt hier in Japan wel erg sterk per dag.
De eerste stop is bij een tempel, de Gokuraku-ji: de eerste van de 88-tempelroute die door pelgrims wordt gelopen. Veel pelgrims komen hier om hun witte kleding en wandelstok te kopen. Ook een blanco boek hoort bi de uitrusting, want in iedere tempel moet gestempeld worden en een aantekening gemaakt als bewijs dat je er geweest bent.
De brug die Shikoku met Awaji-shima verbindt is erg hoog en lang en heeft een skywalk waarop je kunt wandelen en een kijkje kunt nemen op de kolkende zee onder de brug. We zijn echter te vroeg om dat goed te zien, maar toch leuk om hier gelopen te hebben.
Tuinen van Tado Andao bij een conferentiecentrumDe volgende halte is het aardbevingmuseum. Hier is over een deel van de breuklijn van de beving in 1995 een museum gebouwd zodat je kunt zien wat de gevolgen zijn van zo'n beving. Je kunt hier ook een aardbeving ervaren in een speciale kamer. Films over de aardbeving en berekeningen voor de toekomst maken het allemaal wat bizar. Binnen 30 jaar is een grote aardbeving voorspeld. Niet echt prettig om te weten als je hier woont. We pakken een lunch bij het museum en bezoeken daarna nog twee plaatsen waar Tado Andao gebouwen heeft neergezet. De eerste is een tempel op een merkwaardige plaats, want hij is helemaal achteraf gebouwd. Binnen is het echt een plaatje om te ervaren. De tweede plek is een enorm complex met tuinen en waterpartijen (waar overigens geen water in zit) en fonteinen die niet werken. Prachtig om te zien en doorheen te lopen, maar waarom is dit aangelegd? Niemand komt er of maakt gebruik van de bijbehorende gebouwen, want ook dit ligt niet direct in een drukke omgeving. 's Avonds arriveren we in ons hotel in Osaka. Eten doen we weer met ons vieren aan de overkant bij een Chinees, die de ene gang na de andere serveert. We eten fantastisch en ploffen al als we ook nog ijs toe krijgen! Voor ¥3500 hebben we voor de hele week gegeten!

Weer terug in Osaka

Op zaterdag gaat de hele groep naar Koya San en blijf ik in Osaka om de stad te verkennen. Ik begin in de Shitennoji Tempel, een groot complex en zo op het eerste gezicht niet echt spectaculair. Voor het binnenste deel moet je entree betalen en je komt dan in een paar gebouwen waarin prachtige beelden staan (Niet fotograferen!!). Dan is het tijd voor de koffie en loop ik naar het hoogste gebouw van Japan:Abeno haruka in OsakaAbeno Harukas, dat 300 meter hoog is. Voor ¥1500 kun je naar binnen en naar boven. Dat doe ik dus.
Op zich is het al een leuke ervaring voordat je boven bent. Vanaf het metrostation staan pijlen op de vloer, die je naar het loket wijzen. Daar staat een mevrouw die je de weg wijst, vervolgens een mevrouw die je zegt waar je in de rij moet aansluiten; de volgende mevrouw wijst je naar één van de vier kaartverkopers. De kaartverkoper komt met een folder in het Engels of ik ook naar de Universal Studios wil. Ik moet met mijn vinger drukken op Yes of NO, alsof het een website is. Maar goed, ik koop een kaartje en dan wijst een mevrouw me de weg waar ik weer naar buiten moet. Daar wijzen pijlen op de vloer me verder. Bij de volgende ingang staat een mevrouw die me naar binnen wijst waar weer een mevrouw staat die me de rij aanwijst voor de lift. Daar staan twee jongens: eentje om te zeggen dat ik moet wachten en waar ik moet staan, de tweede bedient de lift. Deze gaat naar de 16e verdieping. Boven aangekomen staan er weer mevrouwen die me wijzen hoe ik moet lopen naar de volgende lift waar weer twee jongens staan, die hetzelfde doen als op de lagere verdieping. Kortom, dit gebouw zorgt voor een goede werkgelegenheid. Op de 60e verdieping (de hoogste) staat een mevrouw om me welkom te heten. Kortom het lijkt wel een soort werkgelegenheidsproject. En iedereen wijst elegant en buigt voor je.
De lift gaat met een razende vaart omhoog. Van bovenaf is Osaka één grote huizenmassa. Dat had ik vorig jaar natuurlijk ook al gezien vanaf de Umeda Sky Building, maar die is slechts 175 meter hoog. Twee verdiepingen lager is een tuin aangelegd, maar dat is meer voor de bierdrinkers dan voor de tuinliefhebbers. Het heet dan ook op z'n Japans: Biergarten. Als ik weer terug ben op de 16e verdieping is daar een mooiere tuin, waar ik lekker ga lunchen.

Weer terug op de begane grond loop ik naar de Keitakuen Garden, een mooie Japanse tuin. Daarna loop ik naar een hele leuke wijk: Shinsekai met de Jan-Jan Yokochostraat en de Tsutenka Toren. Het is een hele levendige wijk met allemaal leuke restaurantjes. Ik loop weer terug naar het station en neem de trein om The National Museum of Art te bezoeken. Aan de buitenkant is dat mooi en futuristisch: noedels! (Het Science Museum ernaast heeft ook een mooie architectuur). Het Artmuseum in OsakaBinnen is de bovenverdieping nog wel mooi, maar hoe lager je komt, hoe gewoner. Het enige dat hier geldt is, dat je een paar verdiepingen onder de grond bent. Voor ¥900 ga ik naar binnen en dan blijkt er slechts één tentoonstelling te zijn van Jiro Takamatsu, een Japanse kunstenaar. Er hangen en staan zo'n 450 werken van hem en dat is wel een beetje veel van het goede. Ik neem in het restaurant van het museum een heerlijke visschotel, want ik lust wel weer wat. In Shinsekai had ik nog geen honger, maar nu wel dus.
Ik ga hierna naar Umeda. en dat valt nog niet mee. Even zoeken naar de juiste ondergrondse en dan nog de juiste uitgang van het station vinden. Dat lijkt eenvoudig, maar door de grootte en de enorme hoeveelheid mensen lastiger dan je denkt. Met behulp van mijn plattegrond en de aanwijzingen op verschillende borden vind ik met wat heen en weer geloop de juiste uitgang. Hier kijk ik wat rond. Het is winkel- en uitgaanscentrum en op deze zaterdag razend druk! Het kasteel in OsakaDaarna ga ik met de trein weer terug richting hotel, maar ik loop eerst nog naar het kasteel, want ik wil daar toch een foto van maken. Dat is echter verder weg dan ik dacht, dus ik moet er nog een eind voor lopen (en terug). Dodelijk vermoeid kom terug in het hotel. Het was de hele dag bloedheet en dat is in zo'n stad ook niet echt aangenaam.

Na een lekkere douche ga ik op zoek naar iets te eten (de groep is nog niet terug uit Koya San) en vind zowaar vlakbij het hotel een kushi-katsu restaurant! Vanmiddag heb ik dat gemist in Shinsakei, maar deze specialiteit kan ik dus nu inhalen. Gelukkig zit er een Japanner naast me, die een beetje Engels spreekt en me kan uitleggen hoe het met bestellen en eten gaat. Erg leuk en vooral erg lekker. Terug in het hotel zie ik de groep weer en dat betekent dat we de dag weer kunnen afsluiten met ons dagelijkse avondwijntje.

Zondag gaan we naar Namba, een wijk met veel warenhuizen en bekijken daar de bekende reclame van de Japanse superman. Hier willen ook altijd veel Japanners op de foto. Langs het kabuki-theater gaan we naar Namba Parks. Deze daktuinen zijn erg mooi aangelegd met heel veel groen en verschillende waterpartijen. Maar wel vreemd dat je hier dus op de zoveelste verdieping loopt van een gebouwencomplex.
Ploegn op het Rijstfestival in SumiyoshiMet de Nankai lijn gaan we met de trein naar Sumiyoshitaishe voor het Otau festival: het rijstplant festival. Om 13.15 begint dit met de rondgang van een buffel, die later een stukje van het rijstveld moet ploegen. Na deze buffel komt er een lange optocht met priesters, danseressen, samoeraikrijgers, enz. Na een korte ceremonie op het middenpodium komen allerlei optredens en gaat het rijstplanten beginnen. Het is een leuk en kleurrijk festival, maar omdat het hele rijstveld beplant moet worden, duurt het nogal lang. We bekijken het tempelcomplex naast het festival en gaan dan terug naar de stad. Hier duiken we een sushibar met lopende band in en gaan daar even lekker eten. De rest van de avond is het douchen, eten, ons wijntje en inpakken, want we gaan de volgende dag alweer vroeg op pad.

Met hoge snelheid naar het noorden

Maandag de 15e juni is een reisdag, Om 6 uur gaan we op pad en lopen naar het station bij ons hotel. Dan begint een lange reis door Japan – met o.a. de shinkansen - die 11,5 uur later eindigt in het hotel in Hakudate. Daar krijgen we onder leiding van onze reisleider nog een rondwandeling door de omgeving, maar er is weinig te beleven.

vismarkt in  HakudateDe volgende morgen ga ik al vroeg naar de vismarkt, waar krab het voornaamste product is. De stad biedt nog een verlaten indruk.
Na het ontbijt is er een groepstoer, die begint bij dezelfde markt, maar waar het nu veel drukker is. Daarna komen we bij een nieuwe boeddhistische tempel om vervolgens door te wandelen naar een begraafplaats met westerlingen. Hakodate is in het verleden een handelspost geweest voor westerse maatschappijen. Via een wijk met gebouwen uit die tijd komen we bij de berg Hakodate. Met een kabelbaan gaan we naar boven en hebben daar een prachtig uitzicht op de stad, die omsloten wordt door de zee. Via een mooie wandeling naar beneden gaan we met de tram naar het centrum van de stad waar we een fort bezoeken. Hakodate is hier toch vriendelijker en drukker dan in de omgeving van ons hotel.

Beeld in Toyako

De volgende dag vertrekken we naar Toya-ko, aan een vulkaanmeer en komen in een mooie ryokan, Kawanami. Toya-ko is een toeristische plaats, maar het is er nog vrij rustig, omdat voor de Japanners het nog geen vakantieseizoen is. Met een boot gaan we gevieren naar het eiland in het midden van het meer om daar een mooie wandeling te maken. We eten er ook, gaan met de boot terug om in het stadje koffie met lekker gebak te nuttigen. De avondmaaltijd gebruiken we in de ryokan: verschillende hapjes, een vleesschotel, sashimi, e.a. en daarna sluiten we de dag weer af met ons dagelijkse wijntje.
De tweede dag in Toya-ko besteden we aan een fietstocht rond het meer. De fietsen van de ryokan zijn slecht, dus we huren er een paar in het dorp. Het is prachtig weer en uitstekend voor de fietstocht. Met hier en daar een pauze zijn we zo de hele dag lekker bezig. Het is helder weer en kunnen daardoor ook het zusje van de Fuji zien. Deze berg heet Toji en heeft inderdaad ook nog sneeuw.
Na zo'n dag is de onsen zeer aangenaam om een uurtje in te relaxen. De avondmaaltijd gebruiken we in een teriyaki-restaurant in het dorp.
Het uitgaansleven in het dorp is redelijk uitgebreid, maar er valt niets te beleven. We bekijken er een paar, maar overal is het stil, dus de avond wordt weer met de inmiddels traditionele wijn afgesloten.

Kooiberen bij de AinuOp de 19e juni vertrekken we uit Toya-ko en gaan met verschillende treinen naar Shiraoi. We krijgen ruim twee uur om een dorp van de Ainu te bezoeken. Er staan vier grote houten huizen waar podia staan voor optredens. Eén zo'n optreden maken we mee, en dat wordt een aanfluiting. Eerst een kwartier praten in het Japans, dan een dansje, een vrouw met een fluit, nog een dansje en een liedje en dat was het dan. Te toeristisch en weinig voorstellend. Het dorp stelt ook niet veel voor. Aan het begin is wel iets speciaals: vier beren worden in kleine kooien van beton en tralies gehouden. Er loopt een pijp naar binnen en daar mag je als bezoeker koekjes doorheen gooien. Afschuwelijk!!!
De Ainu zijn animisten en geloven dat alles een ziel of god (kamuy) heeft. Ze aanbidden o.a. Kim-un Kamuy, de god van de beren en de bergen. Ze denken dat beren henzelf levenskracht geven. Waarom ze dan in zo'n afschuwelijk hok weggestopt worden is mij een raadsel. Ook zitten er honden in kooien. Waarom?
Kortom: dit was het dieptepunt van de hele reis. Zeker als je in aanmerking neemt, dat de reis ernaar toe lastig is en veel tijd in beslag neemt.

We reizen door naar Asahikawa, een vrij grote en moderne stad. Bij het inchecken in het hotel kun je kiezen: iedere dag schone lakens of kamer alleen maar schoonmaken en bed opmaken. Als je dat laatste kiest krijg je een biertje. Hier noemen ze dat eco.
Er is een groot en modern winkelcentrum waar we op de vierde verdieping heerlijk All You Can Eat (1780 yen) en All You Can Drink (500 yen) hebben genuttigd. Voortreffelijk en zeer gevarieerd.

Omhoog naar de Asahidake

In de eeuwige sneeuw in Japan op de AsahidakeDe volgende morgen gaan we met de bus van 9.30 voor ¥1430 naar boven en na anderhalf uur zijn we via een prachtige route bij de kabelbaan aangekomen die ons hogerop de Asahidake kan brengen. Eerst maar even een extra trui aan, want het is nu wat kouder. We zitten op ruim 2200 meter hoogte. Het is er prachtig. Er zijn verscheidene wandelingen mogelijk. We kiezen er eentje en lopen door de sneeuw en langs geisers. Gelukkig is het prachtig weer zodat de wandeling makkelijk te doen is. De wolken hangen wel wat laag, dus helemaal naar boven is het niet vertrouwd. Bovendien moet je dan over allemaal losse stenen en het glibbert nogal. Ik vind een route door de sneeuw en smeltwater al genoeg. Lopen door de “eeuwige sneeuw” is natuurlijk wel leuk. Op tijd weer beneden, want de bus gaat om 14.15 uur alweer terug. (De volgende gaat pas om 17.15 uur). De dag besluit ik lekker in de onsen en natuurlijk lekker eten.

Het treinstation in BieiDe volgende dag gaan we met de trein naar Biei voor een fietstocht door het glooiende landschap. Dat valt echter behoorlijk tegen, want de gehuurde fiets laat het behoorlijk afweten. De versnelling verspringt steeds en dat kost heel wat kracht en energie. Met Nikolaj fiets ik naar een uitkijkpunt en daarna gaan we het vlakke land van Biei opzoeken. Maar ook daar blijft het fietsen moeilijk. Na twee uur houden we het voor gezien en nemen de trein terug naar Asahikawa.

Sapporo: de laatste stad van de reis

Na de lunch halen we de bagage op in het hotel en pakken de trein naar Sapporo. Na de afternoon borrel en het eten gaan we stappen in de stad. Sapporo is leuk en druk en de uitgaanswijk ziet er gezellig uit. Maar dan komt het probleem: waar moet je naar toe en mag je wel naar binnen? Alles staat in het Japans en veel uitgaansgelegenheden zijn ook alleen maar toegankelijk voor Japanners. We komen er niet goed uit. We drinken wat in een leuke bar en gaan uiteindelijk maar weer terug naar het hotel.

Straat in SapporoDe voorlaatste dag van de reis ga ik Sapporo in. Het is een nieuwe stad en dankt zijn ontwikkeling en bekendheid voornamelijk aan de Olypimsche Winterspelen van 1972. Omdat op maandag de botanische tuinen en alle musea gesloten zijn, kan ik niet overal terecht. Ik bezoek het oude goevernementsgebouw, het Odoripark, het Nakajimapark, de TV-toren, de klokkentoren en ben zo toch een hele dag onderweg. 's Avonds is dan het laatste maal waar we afscheid nemen van de reisleider Marcel Mioch.

De allerlaatste dag is het nog even rondlopen en ergens ontbijten om dan de lange terugtocht naar Nederland te beginnen. We vertrekken om 13 uur naar de luchthaven en via Tokyo en Parijs komen we dan in Amsterdam. Een lange reis aan het einde van een mooie tocht door Japan.

proost op de vakantie